Een wat afwijkende post met een persoonlijk tintje om de tijd te doden door een ongewild bezoek aan dit ziekenhuis.

Ik schrijf dit vanuit het Agricola Krankenhaus in het Duitse Saalfeld. Het werd gebouwd tussen 1953 en 1956 en bezit Stalinistische trekjes (alleen de architectuur-het personeel gelukkig niet). Ik ben natuurlijk erg geïnteresseerd in stalinistische bouwkunst, maar had nooit het plan deze plek zo uitbundig van binnen te gaan bezoeken. En al helemaal niet met kerst.
Dat dit toch is gebeurd heeft te maken met een schaatsongelukje op eerste kerstdag in deze stad. Ik werd toen in allerijl naar dit enorme lege gebouw vervoerd. Na een snelle operatie tussen de kerstversieringen verblijf ik sindsdien onvrijwillig in dit bijzondere en sombere bouwwerk.
En bijzonder is het: een ziekenhuis uit de voormalige DDR. Gebouwd in de kenmerkende naoorlogse wederopbouwstijl: Socialistisch classicisme, ook bekend onder stalinisme of suikerbakkerstijl. Dit was een door Moskou gedicteerde bouwstijl die na de oorlog grootschalig in de bezette gebieden werd toegepast.
Het werd tussen 1953 en 1956 gebouwd naar een ontwerp van Hans Hopp. Deze architect bouwde ook het Kulturhaus Unterwellenborn en mocht zelfs mee werken aan de Stalin-Allee in Berlijn. Een meester dus in de imperiale suikertaartstijl. En ook hier in Saalfeld heeft brave Hans zijn beste beentje voorgezet.



Het enorme complex wordt gedomineerd door een fors portaal met fronton en twee tot niets dienende torens. Het gebouw is voorzien van brede gangen bekleed met natuursteen, net als de en fors uitgevallen vensters, bogen friezen en andere ornamenten. Opvallend zijn de pseudo-sjieke gouden lampjes die het geheel tot een heuse tempel voor de lijdende arbeidersklasse omtoveren. Kortom: een bouwwerk dat dat meer rekening houdt met het imago van de bouwheer dan het lot van zijn gebruikers.


Een brokje architectuur om je vingers bij af te likken dus…
Ik zou dan ook het liefst het hele gebouw in een rolstoel zijn zijn doorgerold, maar helaas is ook deze schrale troost mij ontzegd. Niet alleen omdat ik niet kàn bewegen, maar omdat ik niet mág bewegen.
Bij het inchecken bleek ik de bezitter geworden van het bekende virus. Daarom lig ik op de isoleer en wordt alleen sporadisch bezocht door medewerkers in Ganzkörperschutz. Het feit dat ze daar soms een kerstgeweitje op dragen (wat daarna meteen wordt weggegooid om besmetting te voorkomen) maakt het er niet beter op. Intussen volg ik op de TV het Duitse debat over het einde van de corona-pandemie. Vanuit mijn positie een licht bizarre ervaring.



Binnen het overmaatse stalinistische geraamte zijn de faciliteiten inmiddels gelukkig op een 21e eeuws niveau gebracht. Maar hoewel de zorg voor het menselijk lichaam universeel is, ben je hier wel in Thüringen. En dan merk je dat je hier in het voormalige oosten bent. Wie niet van de lokale keuken houdt krijgt het moeilijk en wie het lokale dialect niet beheerst mist een hoop relevante informatie. Op de tv wordt ik getrakteerd op jaren ‘50 kerstfilms en comedy’s uit de DDR tijd. Heel leerzaam allemaal. Vooral liefhebbers van Plattenbau raadt ik de zeldzaam onbenullige serie ‘Spuk im Hochhaus’ aan.
Echt gezellig is het dus niet, maar ook weer niet zo erg als je van dit stukje socialistische machtsarchitectuur zou verwachten. En dat komt omdat het onheilspellende bouwwerk geen enkele invloed heeft op het personeel. Dát vertoont geen stalinistische trekjes. Een geruststellende gedachte die toont dat menselijke zorg wel kan worden verheerlijkt door architectuur, maar er gelukkig nooit door kan worden uitgevoerd.
Toch nog een optimistisch inzicht! Dat is wel nodig ook, want ondanks alles is dit verblijf een extreem troosteloze ervaring. Eentje die ik liever had gemist. Gelukkig heeft het optimisme de overhand gekregen. Niet alleen omdat ik de tijd heb kunnen doden door het schrijven van dit bericht, maar ook omdat ik morgen naar huis kan!
Het ziekenhuis staat inmiddels op de monumentenlijst, maar ik dus misschien nog niet…
Mijn dank aan iedere lezer en op naar een gelukkig nieuwjaar!
Het Socialistisch classicisme, ook bekend onder stalinimse of suikerbakkerstijl was een door Moskou gedicteerde bouwstijl die na de oorlog grootschalig in de bezette gebieden werd toegepast. Door de overkoepelende stijlkenmerken (claccicisme) te verbinden met traditionele of regionale vormen kon het prima aan de lokale omstandigheden orden aangepast zonder het imponerende karakter te verliezen. Een uitstekende stijl voor het Sovjet Imperium dus. In de DDR werd deze eigenschap als National/Traditionell(NatiTradi) aan de man gebracht. Ook in Saalfeld: hier zijn het de torens die aan de stadspoorten herinneren en het bouwwerk op die wijze een lokaal sfeertje verlenen.
Kulturpalast Unterwellenborn
In het socialisme was niet alles slecht. Sommige dingen waren zelfs uitstekend georganiseerd. Een voorbeeld daarvan is de cultuurpolitiek, Wij vinden klassieke burgerlijke cultuur elitair, zinloos en duur, maar in de DDR was men daar bepaald niet vies van, tenminste als het om de inhoud ging. Klassieke cultuur werd daar terecht gezien als een verworvenheid…
Lees verderHet Dorp in Arnhem. Een vervallend stukje beschaving.
Aan de Amsterdamseweg in Arnhem ligt een merkwaardig afgezonderd en lelijk complex. Het is het beroemde Dorp. Ik denk dat niemand het meer weet, maar Het Dorp werd in 1962 even wereldberoemd door de 2 daagse TV actie met Mies Bouwman die 21 miljoen ophaalde voor het bijzondere project. Een zegen dat Sywert van Lienden…
Lees verderHoog Catharijne’s junkentunnel: monument van een vergeten pandemie.
Rond de jaren ’80 werd Nederland geteisterd door een langdurige pandemie: heroïne. Die veroorzaakte talloze doden, intens leed en immense materiële schade. En je kon je er niet tegen inenten. Integendeel zelfs. Het verbluffend hoe snel dat in vergetelheid is geraakt. Dat verschijnsel concentreerde zich in Nederland op verschillende plaatsen. Vooral het winkelcentrum Hoog Catharijne kreeg…
Lees verderIn bad voor een betere wereld. Badhuis Loevehoutsedijk / Anthonieplein Utrecht.
Dit onopvallende huisje met truttig hekje is niet zo onschuldig als het eruit ziet. Het belichaamt de banaliteit van het kwaad in een bescheiden vaderlandse vorm. Het diende namelijk als badhuis, poortgebouw en beheerderswoning van de Woonschool Anthonieplein. En het toezicht was niet mals: er werd streng gecontroleerd: werd er goed gedweild, gestofzuigd? Gingen de…
Lees verder