Warenhuizen verschenen aan het eind van de 19e eeuw aarzelend in de centra van grote steden en hadden al vóór de oorlog een vaste plaats in dat leefgebied veroverd. Hun echte bloei kwam echter na de oorlog. In alle binnensteden verrezen enorme overgedimensioneerde koop-bunkers. Nergens had dat zulke desastreuze gevolgenals in de wederopbouwsteden in Duitsland. Het moderne Kaufhaus was een absolute noodzaak. En het nam met gemak een heel bouwblok in beslag. Gefundenes Fressen voor de wederopbouwplanners. En als de bommenwerpers er geen plaats voor hadden gemaakt, werd dat wel door een binnenstadsanering geregeld.



Die dinosaurussen van het Wirtschaftswunder waren van verschillende rassen: Horten, Karstadt, Kaufhof en verschillende ondersoorten. De ongewervelde monsters waren van beton en hadden onaangepast gedrag jegens hun omgeving als gemeenschappelijk kenmerk. Hun plotselinge succes leidde tot een ongecontroleerd en schaamteloos architectonisch narcisme dat zijn weerga niet kende.


Hun voedsel, de kooplustige consument, was overvloedig aanwezig. Het baande zich in een soort symbiose door de hun ingewanden en reinigde die gewillig van alle rommel om die naar hun huizen te verplaatsen. Door het aanbouwen van parkeergarages en autovrije winkelstraten en restaurants werd de voedselketen in rap tempo geoptimaliseerd.
Die agressieve evolutie was een geslaagde aanpassing aan het nieuwe tijdvak van de massaconsumptie. De Kaufhäuser predateerden op de kleine winkels en verteerden die in hun eigen binnenste. Zij reageerden zo op het gedrag van hun consumenten: die wilden niet meer in rijen staan, het nadenken tot een minimum reduceren en vooral verleid worden. Allemaal zaken die in de traditionele kleine detailhandel, met z’n stoffige zelfgeknutselde interieurs, losliggende tapijten en beperkte voorraad, niet zo vanzelfsprekend waren.
De gigantische Galeria-Kaufhof in Mainz. Voor een complete rondgang klik op de pijlen.
Net zoals alle organismen aan de top van de voedselketen leidde de succesvolle aanpassing tot logheid en een zelfgenoegzame luiheid. De onaantastbare, en niet meer tot alertheid genoodzaakte raamloos geworden monsters, beperkten de interactie met hun omgeving tot het opzuigen en weer uitspugen van hun bezoekers. Bij gebrek aan concurrentie van andere soorten beconcurreerden zij alleen nog elkaar, en deelden de zo de openbare ruimte op in evenzovele territoria. Binnen die kale monocultuur vertoonden de logge stadsbewoners een volstrekte minachting voor een appetijtelijke uitstraling. De lompe mastodonten zijn moddervet, tonen zonder gene hun uitgroeisels en zijn in de meest smakeloze kleuren geschilderd. Hun omgeving werd zonder enige restrictie bevuild door hun uitwerpselen in de vorm van weggeworpen snacks, schreeuwerige tasjes en willoos rond schuifelende klanten.


De voormalige Karstadt in Mainz , tijdelijk in gebruik als outlet, wachtend op sloop.
De meteoorsteen die de logge luie Kaufdino’s de das om zou doen viel heel ongemerkt. Het internet voorzag de consument van een nog gemakkelijker manier om zijn behoeften te bevredigen: de luie stoel. Naast die sluipende verandering van hun biotoop werd de uiteindelijke genadeslag uitgedeeld door het coronavirus.
Hoewel de giganten al paniekerig waren begonnen met fusies om nog grotere stadsreptielen te vormen, moest de staat bijspringen om sluiting en massaontslag te voorkomen. Toen de winkels weer opengingen bleven de Kaufhäuser leeg. Te log, te onaangepast en vooral ongeschikt voor innovatie. Zo werd duidelijk dat de hun lompe leefwijze de stadscentra in een gevaarlijke wurggreep had gekregen.


Gesloten Galeria-Kaufhof in Offenbach. In in de lege etalages hangt slechts een poster als een rouwkaart: ‘Wir sagen danke, Offenbach’
Dat leidde tot de vreemde situatie dat de roofdieren van weleer nu moeten worden beschermd om hun voormalige prooien te laten overleven. Zonder klanten van de hoofdbewoners immers geen leven in de binnenstad. Karstadt & Co worden nu met overheidssteun opengehouden om de binnensteden niet tot een levenloze zone te laten verkommeren.


Dat leidt tot spannende beelden, zoals hier in Mainz en Offenbach. Het karkas van de Karstadt staat op de nominatie binnenkort gesloopt te worden. De Monsterachtige Galeria- Kaufhof staat na een dure renovatie als een enorm vuilwit blok te wachten op een tijd die waarschijnlijk nooit meer terugkomt. Een topstuk is de voormalige een leegstaande brutalistische Kaufhaus in Offenbach waar de lokale drugshandel het voor het zeggen lijkt te hebben gekregen. Ook de gigantische Karstadt van Darmstadt staat werkeloos te wachten tot zich weer een bestemming aandient. Dat is twijfelachtig. De logge onaangepaste Kaufhäuser deugen nergens voor, alleen voor inkopen. Of voor sloop. Beschermd stadsgezicht zit er waarschijnlijk niet in.

De doodsstrijd is momenteel in volle gang en verandert delen van veel Duitse binnensteden in troosteloze zones. Het ziet er naar uit dat de kale karkassen van de dino’s van het Wirtschaftswunder snel worden opgeruimd om plaats te maken voor nieuwere, succesvolle soorten die de openbare ruimte gaan beheersen. Een spookachtig en bizar stukje evolutie, meteen over de grens. Geniet er dus nog even van voor het te laat is.

Karstadt, Hertie, Horten, Kaufhof en hun soortgenoten waren de etalages van de West- Duitse welvaart. De rijk gevulde warenhuizen verkochten alles wat het hart begeerde. in veel soorten en meestal groot en degelijk. De onaantastbare reuzen zijn in een duikvlucht terecht gekomen. Hun ingewikkelde fusies en overlevingsstrijd zijn te gecompliceerd om hier te bespreken. Wie meer wil weten raad ik de volgende podcast aan: SWR2 Geld Markt Meinung. Wie dat te modern vindt kan ook terecht bij zo’n andere traditionele West-Duitse icoon: de vanouds degelijke Tagesschau
Gerelateerd
Karstadt in Darmstadt
De Karstadt is een vaste verschijning in Duitse binnensteden. En de gebouwen van de winkelketen zijn net zo verwoestend als de geallieerde luchtaanvallen. Een Karstadt vestiging levert steevast blijvende schade aan stedelijk weefsel en de toeschouwer op. De consumptietempels zijn blikvangers met een voorkeur voor de materialen aluminium, staal glas en beton. Vooral dat laatste…
Lees verderHunkerbunker: de vrijgezellenflat als betonnen anticonceptiepil. Rijnstaete en Huize Bloemenkamp.
Na de oorlog werd krampachtig geprobeerd alle levensfasen te verankeren in bebouwing. Vanuit die gedachte ontstonden flats om jonge vrouwen de kans te geven op zichzelf te wonen. Ter vóórbereiding van het huwelijk natuurlijk, niet als doel! Dat latent subversieve stukje vrijheid werd in toom gehouden in een woonvorm die het midden hield tussen een…
Lees verderLes Damiers: de rotte kies van La Défense.
Het Damiers complex, gebouwd tussen 1976 en 1978 bestaat uit 640 woningen verdeeld over vier gebouwen. Wie door de benamingen van die torens (Champagne, Bretange, Anjou, Dauphiné) denkt aan fraaie vergezichten komt bedrogen uit. Het verbindende element is beton. Nog meer verbinding geven de steentjes: Die zijn gemodelleerd met nopjes die aan een soort chinese lego imitatie…
Lees verder









