Kreuzberg hip? Wel als je geld hebt. De huizen zijn inmiddels onbetaalbaar en de toeristen komen in groten getale en vragen zich waarschijnlijk stiekem af wat er nou zo bijzonder aan is. Heel Kreuzberg? Nee een klein stukje houdt dapper stand tegen hipsters en toeristen. Moeilijk is dat niet, want het stukje post-puin architectuur wordt gemeden door iedereen, behalve door mensen uit de sociale onderklasse. Het is ironisch dat het huidige toeristische Kreuzberg vooral bestaat uit Mietskasernen-de armenpakhuizen van de 19e eeuw-, maar dit stukje urban wasteland ooit het domein van de rijken was. Wat is er gebeurd?
Daarvoor moeten we terug in de tijd. behoorlijk ver zelfs. Toen Berlijn na het lospeuteren van de koningstitel door de Hohenzollern dynastie in1701 van boerengat tot representatieve residentie moest worden omgetoverd werd er serieus werk gemaakt van het verbeteren van de stad. Een van de projecten behelsde de aanleg van een aantal pleinen om de nieuwe uitleg te verfraaien. De huidige Pariser Platz, Potsdammer Platz en de wat minder bekende Mehringplatz. De drie pleinen vormden -net als in het spel SET- een eenheid door hun afwijkende vorm, respectievelijk rechthoekig, octogonaal en rond. De vormen waren militair geïnspireerd en ontstonden tijdens het bewind van de Soldatenkoning die zich volledig concentreerde op zijn Leger en een voorliefde voor lange soldaten had. De ronde plaats werd helemaal in stijl Rondell gedoopt en werd afgesloten door een stadspoort in de tolmuur: Hallesches Tor.

Die naam was geen lang leven beschoren. Na de Befreinungskriege begin 19e eeuw kregen de pleinen hun huidige naam en bebouwing. Het Karree werd na het laatse carrée in Waterloo Pariser Platz en het Rondell werd werd Place de Belle-Alliance. In 1832 kreeg het zelfs een heuse bevrijdingdingskolom met een beeld van Victoria (NIET de Engelse Koningin). Na omgedoopt te zijn in Mehringplatz werd het door sjieke huizen omzoomde plein het representatieve zuidelijke einde van de Friedrichstrasse. In de oorlog werd het gebied volledig platgebombardeerd zodat eigenlijk alleen de vorm en de kolom overbleven. Door de bouw van de Muur -die de Friedrichstrasse in tweeën deelde- werd het afgesneden van het centrum en werd het gedegradeerd tot stadsrand van West Berlijn. Liep je een eindje verder dan botste je vanzelf op de muur en Checkpoint Charlie.

Om de plaats weer op te bouwen werd de hulp in geroepen van opperherbouwmeester Hans Scharoun die al de nodige ervaring had opgedaan met het bouwen op puin. Zijn plan om de ronde plaats op te nemen in een groene aufgelockerte Stadslandschaft werd ingehaald door de tijdgeest. Kort voordat hij zelf ook de geest gaf werd de regie overgenomen door zijn leerling Werner Düttmann. Die startte in 1968 onder het motto Urbanität durch Dichte een compact sociaal woningbouwproject. Het resultaat was ronduit stuitend. De plaats werd herschapen in een betonnen complex van twee concentrische ringen als middelpunt van een hoge gordel van flats. De intimiderende coulisse was bedoeld om een nooit gerealiseerde snelweg af te schermen maar bezegelde en erkende door de brute afsluiting van de historische structuur eigenlijk ook definitief de deling van de stad.

Urbanität durch Dichte klinkt als de titel een onleesbaar werk van een Duits filosoof, maar was gewoon een moeilijk woord voor hoogbouw. Het resultaat had meer met een goed doordacht spookhuis dan met prettig wonen te maken. Het gezellige ensemble werd dus natuurlijk al snel een Sozialer Brennpunkt– alweer zo’n fraai eufemisme: een probleemgebied van formaat.



Tijd voor een wandeling dus! We beginnen vanuit Bahnhof Hallesches Tor. Een blik bier is daar goedkoop en gezien de komende sensatie zeker aan te raden. De ronde ringen zijn aan de zuidzijde toegankelijk door een soort lage gleuf die aan een monsterachtige sjoelbakopening doet denken. Ben je de duistere muil door dan sta je oog in oog met de zuil, wat beelden, een ronde betonnen wand met kleine raampjes en een rafelige rondlopende pruts-arcade waar allerlei schimmige figuren stiekeme dingen doen.





Wie zich in die gastvrije omgeving toch niet echt welkom voelt kan de architect dankbaar zijn dat hij pochte op de Durchlässigkeit van zijn creatie, want je kunt door allerlei duistere gangetjes zo de tweede cirkel in. Daar is het niet veel beter. Dezelfde types, maar nu gefaciliteerd door eettentjes en telefoonwinkels. Bovendien is het zo eenvormig dat je de hele tijd verdwaald. Ook hier zijn weer talloze gangetjes die je via de portalen onder de steeds hogere flats van kwaad naar erger voeren. Ben je eindelijk op de Friedrichstrasse beland dan wordt je getrakteerd op nog meer hoogbouw en een ranzig plein met shabby winkeltjes en allerlei types die het tegenwoordig zo zeldzame sfeertje oproepen van de West-Berlijnse drugsscene die Bahnhof Zoo in de jaren ’70 wereldberoemd maakte.







Kunst is er natuurlijk ook. Om bezoekers en bewoners eens extra in het zonnetje te zetten heeft een plastisch genie nog een welgemeende belediging meegeven door afscheiden van het beeld van een hersenloze wandelende lul. Het wordt beter beschermd dan de bewoners die het voor hun deur hebben staan.
Als bonus wordt je overal getrakteerd op duffe gevelschilderingen en mozaïeken die als een soort homeopathische boosterprik de indruk moeten wekken dat er niets aan de hand is. De rechterfoto laat zien dat ze bij sommige mensen imiterend gedrag opwekken.
Wie er genoeg van heeft kan na een paar honderd meter naar Oost-Berlijn vluchten- na deze ervaring een aantrekkelijke gedachte. Even omkijken naar het kunstzinnige plein helpt meteen bij eventuele twijfel aan die moeilijke beslissing.


Dit dubieuze ensemble van Post-puin architectuur is het bezoeken dus zeker waard, vooral als je van spannende ontmoetingen met de zelfkant van de samenleving houdt en tegen schelden kunt. Er wordt nu flink gerenoveerd, dus de kans is zeker aanwezig dat het binnen afzienbare tijd gewoon een truttig stukje stad gaat worden. Maar lelijk blijft het altijd. Het plein is voorgoed herschapen in een grote ronde bunker en verdedigt zich uitstekend tegen indringers. Toch weer een Rondell ! De Soldatenkoning was er beslist mee in z’n sas geweest.


Troep in de naaste omgeving:
Wie na het lezen van deze post enthousiast de Mehringplatz als vakantiebestemming heeft gekozen, maar het toch wat teleurstellend vindt hoeft zich niet bekocht te voelen. Het geheel ligt een een tamelijk schokkende wirwar van gevaarlijke autowegen, strokenbouw, half ruïneuze gebouwen, stinkende parkjes en plukjes beschadigde en uit hun context gerukte Mietskasernen die de bombardementen overleefden. Links en rechts van de Friedrichstrasse liggen naargeestige betonnen appartementgebouwen zij aan zij met de nog steeds getraumatioseerde resten van de vooroorlogse bebouwing. Het station Hallesches Tor is een tamelijk abgefackt OV knooppunt waar het kopen van een literblik bier onmiddelijk aansluiting geeft met de locals in het parkje ernaast. Richting Kreuzberg laten de troosteloze straten van een strokenbouwwijkje uit de jaren’50 zien dat zielloze wederopbouw beslist niet het alleenrecht van de DDR was.
Daarna is het tijd voor Döner.
Wie was de soldatenkoning? Brandenburg/Pruissen was tot 1701 geen koninkrijk, maar een hertogdom in het heilig Roomse Rijk met het recht om de keizer de kiezen (de zgn. keur). Brandenburg stond weinig flatterend bekend als de zandbak van Europa. Dat veranderde toen de Grote Keurvorst koning in Pruissen werd. Hij kroonde zich overigens zelf. Zijn zoon, de Soldatenkoning (Friedrich Wilhelm I) toverde zijn land om in een leger met een staat en had een grote voorliefde voor lange soldaten. Zijn speurtocht nam manische vormen aan zodat lange jongens hun voortanden lieten trekken om niet weggekaapt te worden. Dan kon je namelijk de zakjes buskruit niet openbijten. Een interessant detail dat laat zien dat misbruik van aangeboren eigenschappen in het verleden niet altijd een etnische achtergrond hoeft te hebben. De soldatenkoning gebruikte zijn overigens leger nooit. Zijn zoon, Frederik de Grote, wel. Deze zelfbenoemde verlichte despoot was kunstzinnig, homoseksueel, concretiseerde zijn ideeën in een toendertijd ongekend vrijzinnige wetgeving, maar verbruikte zijn leger in een reeks zinloze en bloedige (wereld) oorlogen die vooral door het toeval in het voordeel van Pruissen werden beslecht. Een gespletenheid, zowel in karakter als handelen, die een oordeel over deze fluitspelende oorlogsmisdadiger nog altijd lastig maakt. Tijdens hun bewind veranderde Berlijn van een onbetekenend landstadje in een residentie die destijds naar Europese maatstaven de toets der kritiek kon doorstaan en nog steeds het grondplan voor de huidige stad vormt.


